Tactieken van de Kromme

Vandaag scheef Willem van Hanegem over AS Roma in zijn column in het AD. De Kromme roemde het spel van Duitsland. Het deed hem denken hoe Spalletti Roma liet spelen in 2006-08. Zonder echte spits, met een belangrijke rol voor de Trequartista. Dat was ene Francesco Totti.

image1

Totti speelde in 2006-’07 jaar ook een van zijn beste seizoenen. De kersverse wereldkampioen werd topscorer van de Serie A en won de Gouden Schoen. Alfonso Alves van Heerenveen werd dat jaar tweede. Roma won de beker.

capt_ac943c20e87d4826873524f58db59d

Maar het was niet alleen de Kromme aan wie het tactisch vernuft van Spalletti was opgevallen. Jonathan Wilson heeft een briljant boek geschreven over de geschiedenis van de voetbal actief “Inverting the Pyramid”. Hij beschrijft hier het Oude WM-systeem, De Magische Magyaren, Oranje 1974, en ook Roma onder spalletti.

Schermafdruk 2016-06-20 19.06.54

ILLustratie via Google Books

De tactische innovatie van Spalletti om zonder klassieke centrumspits te spelen is nu nog terug te vinden in het alom tegenwoordige 4-2-3-1.

Het boek van Wilson is in het Nederlands vertaald als “Vierviertwee”, en bijvoorbeeld te koop bij Bol.com. Dank aan Rene voor de tip over de Kromme.

Als toetje nog de goals van Totti van dat Seizoen

 

La Gazzetta

(Dit bericht is eerder gepubliceerd op de Wielersite Het is Koers)

In 1994 was Italië nog veel meer buitenland dan nu. Voor geld moest je in de rij bij het postkantoor staan. Mijn ouders bestelden een caffė Americano in een bar in Firenze. De blik in de ogen van de Barista, verbaasd over zulk een barbaarse bestelling, zou mijn leven veranderen. Een vriendin van mij twitterde gisteren dat ze maar ‘gewoon’ een cappuccino bestelde, want al die ingewikkelde zaken van Starbucks waren maar niks. ‘o tempora, o mores’ zei Cicero al.

Italiaanse sport was toen ook nog iets mythisch. De avonturen van Gullit, Van Basten en Rijkaard bereikten ons in een slotje op tv op zondagavond. Van de Giro zag je vaak bijna niets, slechts een snippertje van een etappe in de Dolomieten. Daarom was de overwinning van Breukink op de Gavia in 1988 ook zo heroïsch.

De Gazzetta kende ik van horen zeggen. Ondanks dat ik geen woord Italiaans sprak kocht ik hem (of haar?) bijna dagelijks op vakantie. Langzaam werd er steeds meer duidelijk. Het was de tijd van de loting van de Champions League. Met de Italianen op het Piazza di Spagna vertaalden we de kansen die de Roze Krant toedichtte aan Ajax (Italiaanse bijnaam i lancieri, de lanciers) voor het kampioenenbal in 1994-95. Ajax won. Ik griste twee dagen later naast de Gazzetta, die toen hier nog een dag later verscheen.

De krant was niet altijd roze.Toen zij in 1896 ontstond uit een fusie tussen twee wielerbladen was hij nog geel. De aanleiding voor de fusie waren de Olympische Spelen in Athene. Zij verscheen een keer per twee weken. In 1899 werd hij roze. Vanaf 1908 verscheen hij drie keer per week. Om voldoende nieuws daarvoor te genereren werd in 1909 gestart met de Giro. In 1931 werd tot woede van Mussolini de leiderstrui roze, als verwijzing naar de krant. Zo trad het roze binnen in ons wielerhart.

Ik ging vaker naar Italië en het roze werd definitief deel van ons ‘vita quotidiana’ toen we in Rimini, zo vlak bij zijn latere graf, Pantani de Tour zagen winnen. Toen werd ons duidelijk dat er maar twee dingen zeker zijn in het leven van de Italiaan. Je zal ooit sterven, en één keer in je leven komt de Giro voorbij. En deze brengt nieuwe asfalt. Later zagen we in het pannenkoekententje van zijn vader de beruchte overwinning op de Mont Ventoux.

Voor voetbal bleek de Gazzetta trouwens niet altijd even geschikt. Je moet soms goed tussen de regels kunnen lezen om door de geruchten heen te kunnen kijken (waar vooral Nederlandse kranten die berichten overnemen soms heel slecht in zijn). Ook is Italië een land van regio’s. Toen ik 1997 met Fiorentina – AS Roma mijn eerste Serie A-wedstrijd bezocht bleek de locale il Mattino veel meer couleur locale te brengen, met een wekelijks rapport over de wedstrijd tussen de diverse ‘curve’. Toen ik later in Rome woonde bleek il Corriere dello Sport het Romeinse alternatief voor de Milanese Gazzetta.

Voor ‘il ciclismo’ bleef de Gazzetta een rots in de branding. Ondanks druk van bijvoorbeeld de Motorsport, blijft zij de belangrijkste bron van mijn soort wielerinfo. Niet alleen voor de Giro, maar het bedrijf achter de Gazzetta organiseert ook de Ronde van Lombardije, Milaan-Sanremo, de Tirreno-Adriatico, de GranPiemonte (naar Coppi’s geboorteplaats) en sinds kort de geweldige Strade Bianche bij Siena.

Maar ergens heeft zij wel haar mystiek verloren. Zij is inmiddels nu zo dichtbij. Nu maak ik thuis mijn cappuccino en lees de Gazzetta dagelijks op mijn iPad. Toch blijf ik haar trouw. En ik werd beloond. In 2009 eindige de Giro op de plek waar ik had gestudeerd (Rome). Zij vertrok vervolgens in mijn geboorteplaats (Amsterdam) en ging vervolgens naar mijn huidige woonplaats (Utrecht). Dat kan toch geen toeval zijn?